Treasury begrippen
Treasury zit vol vakjargon. In deze begrippenlijst leggen we de meest voorkomende termen kort en helder uit. De begrippen zijn onderverdeeld in categorieën. Klik op de categorie om de lijst te openen.
Financiering & leningen (33)
Een lening waarbij gedurende de looptijd alleen rentebetalingen plaatsvinden. Aflossing van de hoofdsom (origineel geleende bedrag) vindt plaats aan het eind van de looptijd.
Agio is het bedrag waarmee de waarde/opbrengst boven de nominale waarde ligt; disagio is het bedrag waarmee deze daaronder ligt.
Lening waarbij periodiek een vast bedrag aan rente en aflossing wordt betaald, waarbij in het begin meer rente betaald wordt en weinig aflossing en naar het einde van de lening minder rente en meer aflossing.
Contractuele financiële of niet-financiële voorwaarden die een bank aan een lening verbindt. Voorbeelden zijn maximale schuld, ratio’s, informatieverplichtingen of beperkingen op bepaalde transacties. Overschrijding kan leiden tot herstelmaatregelen of, afhankelijk van het contract, versnelde opeisbaarheid.
Een basisrentelening is een lening waarbij de rente uit twee losse onderdelen bestaat: een vaste rentebasis en een variabele opslag.
Contractuele bepalingen die extra rechten, plichten of beëindigingsmogelijkheden geven. Ze kunnen invloed hebben op renterisico, liquiditeitsrisico, marktwaarde en de mogelijkheid om een lening of derivaat voortijdig te beëindigen.
Agio is het bedrag waarmee de waarde/opbrengst boven de nominale waarde ligt; disagio is het bedrag waarmee deze daaronder ligt.
Een extendible lening is een lening waarbij op een vooraf bepaald moment de looptijd onder afgesproken voorwaarden kan worden verlengd. Dit geeft de financier of de kredietnemer, afhankelijk van de contractvoorwaarden, extra flexibiliteit maar kan ook herfinancierings- en renteprijsrisico’s veroorzaken.
Het aantrekken van vreemd vermogen of inzetten van eigen vermogen voor de dekking van uitgaven of investeringen.
Behoefte aan geld door investeringen, aflossingen en overige niet-synchroon lopende kasstromen.
Het beleid om de continuïteit van de organisatie te waarborgen, en tijdig te voorzien in de financieringsbehoefte tegen aanvaardbare marktconforme voorwaarden en zo laag mogelijke financieringskosten en risico’s (rente, tegenpartij, concentratie en herfinanciering).
De verstrekker van een lening.
Markt waarop kortlopende transacties (looptijd max. 2 jaar) worden verhandeld.
De ontvanger van een lening.
Het opnieuw aantrekken van een lening ter financiering van af te lossen leningen.
Het lenen van een vast bedrag voor een vaste periode, vaak kortlopend (maximaal 1 jaar).
Stelregel dat looptijden van activa en passiva op elkaar moeten aansluiten.
Een lening met een contractuele looptijd tot maximaal 1 jaar.
Een lening met een contractuele looptijd van meer dan 5 jaar.
Lening waarbij periodiek in gelijke delen aflossingen worden betaald. Aflossingen zijn elke termijn hetzelfde bedrag, rentelasten nemen per termijn af.
De periode tussen ingangsdatum van een lening/belegging tot eindaflossing (liquiditeitstypische) of renteherziening (rentetypische) van een lening/belegging.
Mandatory Break Clause is een clausule waarbij een derivaat op een vooraf bepaald moment verplicht wordt beëindigd en tegen marktwaarde wordt afgerekend.
De actuele economische waarde van een lening of derivaat op een bepaald moment. Deze wordt bepaald door de toekomstige kasstromen contant te maken tegen actuele marktrentes en relevante marktparameters. Een lening / derivaat kan een positieve of negatieve marktwaarde hebben.
Een lening met een contractuele looptijd van 1 tot 5 jaar.
Een musical Break Clause is een tussentijds beëindigingsrecht, waarbij beide partijen op vooraf bepaalde momenten het recht hebben om een derivaat tegen de dan geldende marktwaarde af te rekenen en te beëindigen.
Een clausule waarbij beide partijen het recht hebben om een lening of derivaat op een vooraf afgesproken moment voortijdig te beëindigen, meestal tegen verrekening van de dan geldende marktwaarde.
Opgenomen leningen minus beleggingen en beschikbare liquide middelen (geld).
De nominale waarde van leningen/derivaten is het in de overeenkomst vastgelegde hoofdbedrag. Dit vormt de rekengrondslag voor (rente)betalingen.
Een lening waarbij geldnemer en geldgever zelf de modaliteiten en voorwaarden bepalen en vastleggen in een overeenkomst op basis van maatwerk. Onderhandse leningen (bemiddeling en handel daarin) zijn niet-vergunningplichtig door de AFM.
Als er meer financiering is aangetrokken dan er op basis van de (verwachte) uitgaven nodig is.
Een kredietfaciliteit bij een bank om tot een afgesproken maximumbedrag op te nemen (rood te mogen staan). De vergoeding is meestal gebaseerd op Euribor met een opslag.
Een lening met vaste (of variabele hoofdsom) voor middellange of lange looptijd met een variabele rente (Euribor). Rente wordt periodiek aangepast aan de actuele korte marktrente (Euribor). Gangbare periodes zijn 1 week, 1 maand, 3 maanden, 6 maanden.
Een toezichtsbelemmerende clausule is een contractuele bepaling die het toezicht of de wettelijke bevoegdheden van de toezichthouder kan beperken of belemmeren. Bij woningcorporaties zijn toezichtsbelemmerende clausules in lening- en derivatencontracten niet toegestaan.